Water in de Beuningse Plas

Regelmatig ontvangen het waterschap en de gemeente vragen over het water in de Beuningse Plas. Op deze pagina leest u meer over het watersysteem, onderhoud en recreatie in de Beuningse Plas. Ook vindt u informatie over welke regels, vergunningen of meldingen nodig zijn bij bijvoorbeeld het aanleggen van een steiger. Deze informatie is samengesteld door een vertegenwoordiging van inwoners uit de Beuningse Plas, de watersportvereniging, Waterschap Rivierenland en de gemeente.

De Beuningse Plas bestaat uit twee delen; de woonwijk en de toekomstige waterplas. Het water in de woonwijk bestaat al een tijd. De realisatie van de plas is in 2020 gestart . Naar verwachting is de zandwinning in 2036 klaar. Samen vormen de waterplas en de woonwijk dan één geheel.

Het plangebied de Beuningse plas (in de oranje contour) met linksonder de woonwijk en rechtsboven de waterplas
Het plangebied de Beuningse plas (in de oranje contour) met linksonder de woonwijk en rechtsboven de waterplas.

Watersysteem

Een watersysteem is technisch verwoord ‘een samenhangend geheel van oppervlaktewater en grondwater, inclusief oevers, waterbodems en constructies als stuwen, sluizen, gemalen en vistrappen die zorgen voor het waterbeheer.'

De Beuningse Plas is ontworpen als een watersysteem dat niet direct in verbinding staat met andere wateren. Het watersysteem volgt een natuurlijk peil. Dit betekent dat de waterstanden wisselen door de invloed van de waterstand in de rivier en hoeveelheid regen. In het ontwerp is uitgegaan van een laagste waterstand van NAP + 6,30 meter en een hoogste waterstand van NAP + 6,90 meter. Deze waterstanden zijn vastgelegd in het peilbesluit van het waterschap.

De toekomstige waterplas heeft invloed op de waterstand in de wijk de Beuningse Plas. Dit komt omdat de plas straks in verbinding staat met diepere waterlagen. Hierdoor zal de waterstand minder sterk wisselen en wordt de waterstand in de Beuningse Plas stabieler.

Locatie van de uitlaat (stuw) aan de Forelgracht
Locatie van de uitlaat (stuw) aan de Forelgracht.

Huidige situatie

Op dit moment is het watersysteem van de Beuningse Plas nog niet in een stabiele situatie. Dat komt doordat de uiteindelijke situatie nog niet klaar is. Dit is vooral merkbaar tijdens droge periodes aan de wisselende helderheid en kwaliteit van het water, maar ook aan de waterstanden die sterk en snel kunnen variëren.

Pas een paar jaar nadat alle werkzaamheden aan het watersysteem zijn afgerond (woningbouw en zandwinplas) ontstaat een stabiel ecologisch en biologisch evenwicht. Om dit evenwicht te bevorderen zal de zandwinplas, na beëindiging van de zandwinning, ook ingericht worden met natuurvriendelijke en ecologische oevers.
Om te voorkomen dat de waterstand in de wijk te hoog wordt is een uitlaat (stuw) geplaatst aan de Forelgracht. De stuw zorgt ervoor dat het teveel aan water uit de wijk kan wegstromen. Dit gebeurt alleen bij waterstanden hoger dan NAP + 6,90 meter. Zo voorkomen we dat tuinen en woningen onder water komen te staan.

Tijdens droge perioden daalt de waterstand in de Beuningse Plas. Dit komt omdat er dan te weinig aanvulling is van regenwater én doordat in de bodem van dit gebied diverse zandbanen liggen. Deze zandbanen staan niet alleen in verbinding met het watersysteem van de Beuningse Plas maar ook met de rivieren Maas en Waal. De zandbanen verbinden het grondwater en het water in de wijk, maar verbinden ook het water in de wijk met de rivieren. 

Zandbanenkaart van de provincie Gelderland [3] met daarin aangegeven de Beuningse Plas (links) en een schetsmatige doorsnede van een zandbaan tussen de Waal en de Beuningse Plas (rechts).
Zandbanenkaart van de provincie Gelderland [3] met daarin aangegeven de Beuningse Plas (links) en een schetsmatige doorsnede van een zandbaan tussen de Waal en de Beuningse Plas (rechts).

In droge perioden is vaak sprake van lage rivierwaterstanden. Hierdoor stroomt het water uit de Beuningse Plas, via de zandbanen, in de richting van de rivieren. De plas loopt dan “leeg”. Dit noemen we wegzijging. In de winter werkt dit juist andersom en stroomt er, via dezelfde zandbanen, water in de richting van de Beuningse Plas. Dat noemen we kwel.

De wegzijging zorgt ervoor dat het inlaten van extra water naar de Beuningse Plas weinig effectief is. Vrijwel al het ingelaten water zal immers direct via de zandbanen wegzijgen naar de rivieren. Daarnaast is juist tijdens deze droogte maar beperkt water beschikbaar. Het dan nog beschikbare water uit het Maas-Waalkanaal heeft het waterschap nodig om een groot gedeelte van het gebied van Maas en Waal te voorzien. Vanuit de inlaat Weurt stroomt het water door Beuningen in de richting van Ewijk en Winssen. De Beuningse Plas ligt hier apart van. Het water uit het Maas-Waalkanaal gaat dus om de Beuningse Plas heen.

De verdeling van water (aanvoer) vanuit inlaat Weurt
De verdeling van water (aanvoer) vanuit inlaat Weurt.

In de meetgegevens, van 2015 tot 2021, is te zien dat de waterstand in de Beuningse Plas vrijwel altijd boven de minimale waterstand van NAP + 6,30 meter blijft. Ook tijdens de recente droogteperiodes. Hieruit blijkt dat de waterstand ook in de huidige situatie aan de ontwerprichtlijnen van de Beuningse Plas voldoet. Wel is het aannemelijk dat deze droge periodes in de toekomst steeds vaker optreden door klimaatverandering.

Tabel met daarin de waterstanden in de Beuningse Plas
Tabel met daarin de waterstanden in de Beuningse Plas.

Naast de waterstand in de Beuningse Plas, meet de gemeente ook op meerdere locaties grondwaterstanden. Hierdoor kunnen we zien wat invloed van de rivieren is en monitoren we de effecten van werkzaamheden in de omgeving, zoals de zandwinning. De grenswaarden voor de grondwaterstanden bij de zandwinning worden vastgesteld in de ontgrondingsvergunning van de Provincie.

Waterkwaliteit

In de Beuningse Plas willen we een zo goed mogelijke waterkwaliteit houden. Doordat de Beuningse Plas een eigen watersysteem heeft, wordt de plas alleen gevoed door regenwater en grondwater. Samen met de rietoevers en de plas- en draszones zorgt dit ervoor dat de waterkwaliteit in de plas vaak beter is dan de kwaliteit van het water buiten de Beuningse Plas. Doordat er geen water vanuit bijvoorbeeld het Maas-Waalkanaal de Beuningse Plas in stroomt, is de kans op ongewenste planten- en algengroei kleiner. Dit komt omdat het water van buiten de plas meer nutriënten zoals stikstof en fosfor bevat. Deze nutriënten kunnen ervoor zorgen dat het water dichtgroeit met kroos. Naast de eerdergenoemde wegzijging is dit risico een extra reden waarom er niet actief water ingelaten wordt bij lage waterstand in de wijk.

De waterkwaliteit is echter afhankelijk van veel meer zaken. Op sommige hiervan hebben we weinig invloed, zoals bijvoorbeeld de veranderende weersomstandigheden. Steeds vaker hebben we te maken met langere warme en droge perioden, maar ook met hevige regenbuien. De waterkwaliteit houden we in de gaten via meldingen van bijvoorbeeld blauwalg of botulisme (dode vissen of vogels). We plaatsen dan waarschuwingen en halen de dode vogels en vissen weg. Dit helpt het water goed te houden. 

Kroosvorming in Beuningen
Kroosvorming in Beuningen.

Op andere zaken die de waterkwaliteit beïnvloeden hebben we wel invloed. Zo kunnen we samen voorkomen dat uitwerpselen van huisdieren of ander (tuin)afval in het water terecht komt. Ook door het wassen van auto’s in een wasstraat of wasbox voorkomt u dat het vuil van uw auto, zoals olie, vetten, rubber en remstof, via het regenwaterriool direct in het water terecht komt. 

Status sloten

Elke sloot in de gemeente heeft een status (A, B of C of overig water). De status bepaalt wie verantwoordelijk is voor het uitvoeren van onderhoud aan het water en wat er mag bij de inrichting van tuinen en oevers. Wilt u weten wat de status is van uw sloot of een sloot bij u in de buurt? Kijk dan in de legger op de website van Waterschap Rivierenland. In de legger heet een sloot een watergang. In de Beuningse Plas hebben sloten een A-, B- of C-status of een combinatie van de verschillende statussen. Het middengedeelte van een sloot heeft in de Beuningse Plas vaak een A-status, maar de zijkanten en de oevers hebben een C-status. Er zijn ook veel sloten met een B-status met een beschermingszone van 1 meter. Steigers en vlonders zijn (onder voorwaarden) bij sloten met een C-status sneller toegestaan. Bij sloten met een A-status en een B-status gelden namelijk strengere eisen.

Uitsnede van de legger van het waterschap (links) met een combinatie van verschillende statussen (rechts)
Uitsnede van de legger van het waterschap (links) met een combinatie van verschillende statussen (rechts).

Onderhoud

Onderhoud van de oevers en het water is nodig om de Beuningse Plas mooi en leefbaar te houden. Waterschap Rivierenland stelde vast wie verantwoordelijk is voor het onderhoud van het water en wanneer onderhoud nodig is. Dit heet de onderhoudsplicht.

Onderhoudsplicht

De status van een sloot bepaalt wie verantwoordelijk is voor het uitvoeren van onderhoud aan het water. Het maakt hierbij niet uit wie de eigenaar is van de watergang. Samengevat geldt:

  • A-status: het waterschap is onderhoudsplichtig voor zowel de oevers als het water. Het waterschap maait de waterkant en verwijdert planten tijdens regulier onderhoud. Hierbij houdt het waterschap rekening met de ecologie: “maaien waar moet, maar laten staan waar het kan”. Naast het regulier onderhoud baggert het waterschap ook als dit nodig is.
  • B-status: de grondeigenaren waaraan het water grenst zijn samen onderhoudsplichtig voor het maaien en baggeren. Jaarlijks controleert (schouwt) het waterschap of de watergang schoon is (vrij van beplanting). Ook het op diepte houden (baggeren) van de watergangen is een onderdeel van de onderhoudsplicht.
  • C-status en overig water: voor dit water geldt een instandhoudingsplicht. De sloten mogen niet dichtgroeien of dichtslibben (verlanden). Er is dus ook hier regelmatig onderhoud nodig. Ook in dit geval zijn de grondeigenaren waaraan het water grenst hiervoor verantwoordelijk.

Wilt u weten wat de status is van een sloot bij u in de buurt? Kijk dan op de website van Waterschap Rivierenland.

Een verlandde sloot
Een verlandde sloot.

Recreatie

Veel inwoners uit de gemeente Beuningen recreëren in en bij het water in de Beuningse Plas.

Varen

Het is toegestaan om te varen op het water van de Beuningse Plas. Hiervoor gelden wel regels:

  • Gemotoriseerde vaartuigen zijn niet toegestaan, met uitzondering van elektromotoren tot een maximaal vermogen van 2500 Watt.
  • Een vaartuig is maximaal 7 meter lang.
  • Het is verboden om sneller te varen dan 6 kilometer per uur. 
  • Kort aanmeren op of aan de oevers in de openbare ruimte is toegestaan. Het is niet toegestaan de oevers in de openbare ruimte te gebruiken als opslag en winterstalling voor bootjes. Dit veroorzaakt namelijk beschadigingen aan het gazon en het beheer en onderhoud aan de openbare ruimte kan moeilijk worden uitgevoerd. 
  • Aanmeren kan ook bij openbare aanmeerpaaltjes en steigers. De openbare steigers vindt u aan de zuidkant van de Slottuin en de westkant van Waterdorp. De aanmeerpaaltjes staan langs de oever aan de zuidkant van de Slottuin.

Bekijk meer informatie over vaarregels in de Algemene Plaatselijke Veroderning (APV).

Een aanmeerpaal in het gras naast het water bij de Slottuin in Beuningen. Bovenop de paal zit een oog.
Een aanmeerpaal in het gras naast het water bij de Slottuin in Beuningen.

Zwemmen

Het water in de Beuningse Plas is geen officieel zwemwater. Zwemmen is niet verboden, maar wel op eigen risico. Let er tijdens de zomermaanden goed op of de waterkwaliteit goed genoeg is om in te zwemmen en of er geen sprake is van blauwalg of botulisme. Is er blauwalg of botulisme? Dan plaatsen wij borden om u hierover te informeren. 

Tuin- en oever(inrichting)

Veel woningen in de Beuningse Plas hebben een tuin aan het water met een steiger of vlonder. Houd bij de inrichting van uw tuin en bouw van uw steiger of vlonder rekening met de waterstand in de Beuningse Plas, deze wisselt tussen NAP + 6,30 meter en NAP + 6.90 meter. Door klimaatveranderingen komen hoge en lage waterstanden vaker voor.

Regels, vergunningen en meldingen

Voor veel werkzaamheden, zoals bijvoorbeeld het aanleggen van steigers of het aanbrengen van beplanting, op of in de buurt van het water gelden regels. Dit zijn regels van de gemeente, het waterschap Rivierenland en eventuele afspraken uit koopaktes. De situatie en de regels verschillen vaak per locatie. Zorg dat u weet welke regels bij u gelden.

Regels en vergunningen gemeente

De gemeentelijke regels staan in het bestemmingsplan. Hierin staat wat is toegestaan binnen een bepaalde bestemming. Ook leest u hier terug of u voor werkzaamheden een omgevingsvergunning moet aanvragen. Dit geldt bijvoorbeeld voor de aanleg van steigers en vlonders.

Meldingen en vergunningen waterschap

De regels van het waterschap staan in de verordening van het waterschap Rivierenland, dit heet de Keur Waterschap Rivierenland 2014. Voor de werkzaamheden die in de Keur staan, heeft u meestal een vergunning of toestemming van het waterschap nodig. Voor veelvoorkomende werkzaamheden stelde het waterschap algemene regels op. Voldoen uw werkzaamheden aan deze algemene regels? Dan is een melding van de werkzaamheden voldoende. Een melding heeft een kortere behandeltermijn dan een vergunning en u betaalt ook geen legeskosten. Voor het aanvragen van een vergunning betaalt u wel legeskosten.

Steigers en vlonders

Wilt u een steiger of vlonder aanleggen of wijzigen? Dan heeft u naast een omgevingsvergunning ook toestemming nodig van het waterschap. Meer hierover leest u op de website van het Waterschap.

Een vlonder in de Beuningse Plas
Een vlonder in de Beuningse Plas.

Beschoeiingen

Wilt u een beschoeiing aanbrengen of wijzigen? Dan heeft u toestemming nodig van het waterschap. Meer hierover leest u op de website van het Waterschap.

Een beschoeiing beschermt de schuine helling tussen de grond en het water, het talud, tegen inzakken. Afhankelijk van de hoogte tussen maaiveld en het streefpeil mag een beschoeiing 30 of 60 cm hoog worden. Is de beschoeiing hoger dan de voorgeschreven hoogte, dan noemen we dit een damwand en gelden er andere eisen.

Beschoeiing in de Beuningse Plas
Beschoeiing in de Beuningse Plas.

Damwanden

Een damwand is een hogere variant van een beschoeiing. Een damwand houdt grond tegen en overbrugt vaak hoogteverschillen tussen de tuin en het water. Wilt u een damwand aanbrengen of wijzigen? Dan heeft u toestemming nodig van het waterschap. Meer hierover leest u op de website van het Waterschap.

Een damwand heeft een grond kerende functie en is vaak toegepast als vervanging van een talud.
Een damwand heeft een grond kerende functie en is vaak toegepast als vervanging van een talud. 

Gebruik oppervlaktewater voor bewatering van eigen tuin

In droge perioden is de hoeveelheid water in de Beuningse Plas beperkt. Hoewel het niet verboden is om water uit de Beuningse Plas te gebruiken, om daarmee bijvoorbeeld uw tuin te bewateren, is het belangrijk hier zorgvuldig mee om te gaan. In plaats van beregenen is het daarom beter om irrigatie via bijvoorbeeld een druppelslang toe te passen. Bij beregening verdampt namelijk veel water voordat het de grond intrekt en daadwerkelijk bij de wortels van uw planten komt. Geef daarnaast bij voorkeur ’s avonds water. Dan verdampt het water minder snel dan overdag.

Een zogenoemde druppel- of zweetslang.
Een zogenoemde druppel- of zweetslang. 

Klimaatbestendige tuininrichting

Met de inrichting van uw tuin kunt u veel doen om uw omgeving klimaatbestendiger te maken. Zo kunt u bijvoorbeeld regenwater langer vasthouden en zorgen voor meer koelte in uw omgeving. Een groene tuin vraagt niet altijd meer onderhoud, zolang u deze maar slim inricht. Maak gebruik van de volgende praktische tips om uw tuin watervriendelijker te maken:

  • Betegel uw tuin niet helemaal en maak ruimte voor beplanting.
  • Gebruik planten die goed tegen droogte kunnen.
  • Kies voor een kleiner formaat bestrating bij de aanleg van een tuin. Via de voegen trekt water dan sneller de grond in.
  • Dicht voegen tussen de bestrating niet af. Zo voorkomt u dat het water niet kan weglopen.
  • Zorg dat regenwater in uw tuin kan infiltreren. Zo voorkomt u onnodige belasting van het riool.
  • Maak uw tuin regenbestendig. Het zorgt niet alleen voor minder wateroverlast, het vergroot ook de biodiversiteit en de aantrekkelijkheid  van uw tuin.
  • Sla regenwater op voor hergebruik in bijvoorbeeld drogere periodes.